donderdag 16 oktober 2014

Oplossen van leegstand van boerderijen en krimp in het buitengebied

In Nederland zijn er verschillende gebieden die te maken hebben met krimp. Daarnaast is in heel Nederland een groeiend probleem aanwezig in verband met de leegstand van scholen, kerken, winkels, bedrijven en boerderijen. In verschillende delen van het land ontstaan er initiatieven om beide problemen tegen te gaan.
Leegstand en krimp
De Achterhoek in Gelderland is een gebied waar deze problemen duidelijk voorkomen. Hans Suurmond, krimpcoördinator in de Achterhoek, en Ted Kok, voorzitter van de wethouders ruimtelijke ordening en bestuurslid van Achterhoek 2020 zeggen dat de leegstand van woningen blijkt mee te vallen. Wat niet meevalt is de leegstand van niet-woningen. Bekend is dat er om allerlei redenen steeds meer winkels, scholen, kerken, kantoren en boerderijen leeg komen te staan. Vroeger werden dit soort panden omgebouwd tot woonbestemmingen, maar op sommige plaatsen in Nederland, zoals ook in de Achterhoek, kan dat niet meer.
Oplossing voor leegstand en krimp
Vanuit verschillende zijden ontstaan er initiatieven om dit probleem aan te pakken.
De Winterswijkse buurtschappen proberen mensen te vinden die als collectief een vrijkomende boerderij willen kopen of huren. Zo moet leegstand tegengegaan worden. Overigens kan dit principe ook worden toegepast op kerken, bedrijven, winkels en scholen

Gezamenlijk boerderij bewonen en opknappen
De gedachte is dat een groep kopers zich verenigt in een coöperatie en dat de coöperatie een vrijkomende boerderij koopt. De boerderij met stallen wordt verbouwd, zodat er meerdere woningen of appartementen ontstaan met ieder een eigen adres.
Vervolgens betalen de bewoners (die tevens eigenaar van de coöperatie zijn) huur, waarmee de hypotheek langzaam aan afbetaald wordt.
Vooralsnog gaat het om een pilot om uit te zoeken of mensen belangstelling hebben om gezamenlijk een boerderij te kopen. Ook moet duidelijk worden of er boeren zijn die hun boerderij willen verkopen.
De werkgroep Wonen van de Belangengroepen Buitengebied Winterswijk voert de pilot uit.
Dit idee kan een aanzet voor anderen zijn om in vergelijkbare situaties in Nederland de leegstand en krimp aan te pakken.





donderdag 25 september 2014

Cottagetuinen in Zuidwest Engeland

Begin augustus 2014 heb ik een studiereis gemaakt naar mythische plekken in zuidwest Engeland. Tijdens deze tocht heb ik eveneens verschillende tuinen bezocht.
Twee bijzondere tuinen zijn me opgevallen. Het gaat hierbij om Castle Drogo  in Devon en Hestercomb Gardens in Somerset. In beide gevallen is Sir Edwin Luytens als architect bij de plannen betrokken geweest.
In de situatie van Hestercomb Gardens heeft Lutyens samengewerkt met Gertrude Jekyll. In de situatie van Castle 
Drogo is duidelijk dat zij niet bij dit tuinontwerp betrokken is geweest. Aan de opzet van de tuin is wel duidelijk haar invloed te herkennen.



Sir Edwin Lutyens & Gertrude Jekyll
Sir Edwin Lutyens (1869-1944) was een gerenommeerd Engels architect. Zijn werk omvat particuliere huizen, overheidsgebouwen, kantoorgebouwen, nieuwe steden en musea. Geselecteerd door de War Graves Commission, ontwierp hij ook  gedenktekens, grafstenen en begraafplaatsen, waarvan er velen na de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) zijn gerealiseerd. Hij was bedreven in het interieur en exterieur, bij grote en kleine opdrachten. Zijn carrière was in eerste instantie gericht op zijn praktijk in Engeland, maar later, speelde hij een  rol bij het ontwerp ​​van gebouwen over de hele wereld. 

Een toevallige ontmoeting met Gertrude Jekyll in 1889 resulteerde in een nauwe samenwerking tussen hen gedurende vele jaren. Ze had een sterke invloed op zijn vroege werk, in de volkstaal "Surrey Stijl" genoemd. Ook stelde zij  hem voor aan de meeste van zijn vroege klanten. Ze hielp hem om tuinarchitectuur in zijn projecten te gebruiken, om de architectuur van de bebouwing te ondersteunen. Tot zijn vroegste werk behoort Munstead Wood, de woning van Gertrude Jekyll in Surrey. 


Gertrude Jekyll (1843-1932), heeft meer dan 400 tuinen ontworpen in het Verenigd Koninkrijk, Europa en Amerika en haar invloed op de tuinarchitectuur is tot op heden merkbaar. Zij bracht het grootste deel van haar leven in Surrey, Engeland, door. De laatste jaren van haar leven op Munstead Wood in Godalming. 
Een van deze tuin is natuurlijk Hestercombe Garden's Formal Garden, misschien wel het mooiste voorbeeld van haar samenwerking met Sir Edwin Lutyens. 

Haar eigen boeken over tuinieren worden veel gelezen.  Ze droeg meer dan 1.000 artikelen bij aan Country Life, The Garden en andere tijdschriften. Gertrude Jekyll was een getalenteerd schilder, fotograaf, ontwerper en vakvrouw en werd sterk beïnvloed door de Arts & Crafts principes. 

Castle Drogo Gardens, Drewsteignton
Castle Drogo is een landhuis nabij Drewsteignton in Devon. Het is gebouwd in de periode tussen 1911 en 1930 voor de zakenman Julius Drewe naar een ontwerp van Sir Edward Lutyens. Castle Drogo is het laatste kasteel dat is gebouwd in Engeland en waarschijnlijk het laatste woonhuis dat volledig in graniet is opgetrokken. Tijdens mijn bezoek aan de tuin werd het huis grondig gerestaureerd.

Het kasteel heeft een prachtige formele tuin die ook door Lutyens werd ontworpen. De beplantingen zijn uitgewerkt door George Dillistone. Deze beplanting vormt een duidelijk contrast met het omliggende landschap van Dartmoor.
De tuin bestaat uit diverse tuinkamers op verschillende niveaus. De kamers hebben verschillende thema's zoals een vaste plantentuin, een rozentuin, een rododendrontuin en een opvallende cirkelvormige ruimte omsloten door hoge hagen met als thema croquetlawn.

Hestercomb Gardens, Taunton
Hestercombe Gardens, gelegen in  Somerset nabij Taunton, is een unieke combinatie van drie eeuwen tuinkunst: een Georgische landschapstuin, het Victoriaanse terras en het prachtige Edwardiaanse tuinontwerp door Sir Edwin Lutyens en Gertrude Jekyll.

Hestercombe Gardens vormen het hoogtepunt van de samenwerking tussen beiden. Het is de eerste toepassing waarbij de  vakkundigheid van Gertrude Jekyll werd gebruikt om een klassiek tuinontwerp op grote schaal te maken. Het hele concept van Hestercombe Gardens, waarbij op een briljante wijze wordt omgegaan met verschillende hoogteverschillen is een voorbeeld van hoe gebouw en tuinen op elkaar zijn afgestemd. In de verschillende tuindelen zijn enorme borders met vaste planten aangelegd. 


Cottagetuinen
Beide tuinen zijn grote projecten die behoren bij landhuizen. Het gebruik van de vaste planten en de indeling van de tuin in verschillende kamers, die verbonden zijn door paden langs zichtassen, doet denken aan cottage tuinen.

De toegepaste borders in deze landhuistuinen hebben veel gelijkenis met de bloemborders van cottagetuinen.
Tijdens mijn studiereis heb ik ook verschillende cottagetuinen bezocht. Deze tuinen zijn bescheiden van opzet maar met een duidelijke structuur. De aandacht gaat uit naar het kweken van bloemen, groenten en fruit. Dat er de nodige energie wordt ingestopt is duidelijk te zien.





www.plancompagnons.nl 

woensdag 17 september 2014

Boerderijen in de Franche-Comté, Oost-Frankrijk

In het vorige bericht heb ik geschreven over mijn pelgrimstocht naar Jeruzalem. Door wandelend door het landschap te gaan krijg je een goed beeld van de veranderingen van het ene landschap ten opzichte van het andere. Enerzijds ontstaat dit door de de natuurlijke omstandigheden. Hierbij kun je denken aan of het gebied heuvelachtig is, loopt er een rivier door het gebied, is de ondergrond moerasachtig en meer van dit soort omstandigheden. Anderzijds is het gebruik van het landschap door de mens bepalend voor het uiterlijk van het landschap. Uiteraard spelen beide aspecten op elkaar in.

Franche-Comté 
Mijn route verliep deze zomer van de Champagnestreek via het Plateau van Langres naar de Franche-Comté in het oosten van Frankrijk, tegen de Zwitserse grens aan. De overgang was er onder andere een van de landbouwgebieden met wijnstreken naar de gebieden waar veeteelt en bosbouw belangrijker worden. Daar waar in de Champagnestreek de invloed van de mens zeer duidelijk aanwezig is door strakke verkavelingen, weinig bos of natuurgebied en veel akkers, is in de Franche-Comté de invloed van het vee meer dominant. Dit laatste landschap wordt beheerst door groene weiden afgewisseld met bossen en begroeide beek- en rivierdalen. De kavels verlopen ook grilliger als deze in de Champagestreek. Het landschap oogt hierdoor 'natuurlijker'.

Verspreide boerderijen
In de Champagnestreek viel op dat de boerderijen geclusterd in de dorpen en gehuchten waren gesitueerd. Omdat de veeboeren dichter bij hun vee moeten zijn dan een landbouwer bij zijn akkers, zijn de boerderijen in veeteeltgebieden meer verspreid door het landschap aanwezig. Vaak zijn het woonhuizen met grote schuren waar de veestapel 's winters binnen gehouden kan worden.
Toch zie je in de gehuchten en dorpjes ook boerderijen staan. Deze zijn echter los van elkaar geplaats omdat direct rondom de boerderij ruimte beschikbaar moet zijn voor het vee. Uiteindelijk is alles gericht om op een zo functioneel mogelijk manier om te gaan met de manier waarop de kost verdient moet worden.
Omdat de boerderijen wat ruimere erven hebben komen de gebruikelijke elementen van een boerenerf hier aan de orde. Het gaat hierbij om het erf, de moestuin, de bloementuin, de boomgaard en een plek om buiten te kunnen eten.

Koeienbellen
Niet alleen het zicht op het landschap is anders in deze twee verschillende landschappen, ook de geluiden van het platteland zijn anders per streek. Als wandelaar ga je geleidelijk van het ene landschap naar het andere. Vanuit het akkerbouwgebied kom je geleidelijk aan enkele weiden tegen waar koeien met bellen lopen. Bij iedere beweging hoor je het vrolijke geluid van de koeienbellen. Hoe verder je het gebied binnen gaat hoe meer weiden met koeien en dus ook meer bel gerinkel je tegen komt. Op een gegeven moment is het geluid zeer vertrouwd en kijk je er niet meer van op.


www.plancompagnons.nl




dinsdag 29 juli 2014

Boerderijen in de Champagnestreek van Frankrijk

Sinds 2012 ben ik bezig met een wandeltocht vanuit Breda naar Jeruzalem. Jaarlijks loop ik  een stuk van deze pelgrimstocht. In de zomer van 2014 ben ik van Reims naar Pontarlier gewandeld en heb onder andere de Champagnestreek doorkruist. Hier zijn me een aantal zaken opgevallen bij de boerderijen en de boerenerven die erbij horen.

Dorpsboerderijen
In de Champagnestreek worden wijngebieden afgewisseld met akkers. Alles gebeurt op een grootschalig manier. Opvallend is dat er nagenoeg geen boerderijen solitair in het landschap staan. De boerderijen zijn geclusterd in dorpjes en gehuchten. Boerenschuren en hun grote poorten sluiten vaak direct op de straat aan. De woning ligt iets terug of staat loodrecht op de straat. Het erf sluit zowel aan op de schuren en bedrijfsgebouwen enerzijds en de woning anderzijds. Deze erven worden meestal afgeschermd door middel van een hekwerk met een statige poort.

Afhankelijk van de rijkdom van het gebied is de woning eenvoudig of luxer uitgebouwd. In sommige gevallen is de woning een "petit chateau".

Erven van de Champagne
Opvallend is dat haast alle erven bestaan uit half verharding (grind of split). De indeling is vrij eenvoudig en gericht op de functie van het boerenbedrijf. Nabij de woning wordt met behulp van potten of bakken de boel opgefleurd. In de plantenbakken worden kleurige vaste planten of eenjarigen gebruikt. Bomen die rondom de boerderij voorkomen bestaan voornamelijk uit fruitbomen (appels, peren, pruimen, kersen en noten) en lindes.
Vaak ligt aan de andere zijde van de boerderij een moestuin waar groenten, kruiden en kleinfruit worden gekweekt voor eigen gebruik. Zoals bekent houden de Fransen van lekker eten.

Grootschalige ontwikkelingen
Omdat ook in Frankrijk de schaal van de landbouw vergroot ontstaan er nieuwe ontwikkelingen. Op kruisingen van landbouwwegen ontstaan haast industriële complexen. Deze schuren worden gebouwd zonder woningen. De boeren blijven in de dorpen en gehuchten bij elkaar wonen.



vrijdag 23 mei 2014

Hoe zuinig is Twente op zijn historische boerderijen en erven?



Veel boerderijen op het Twentse platteland vertonen achterstallig onderhoud. In een verontrustend aantal gevallen staan de niet bewoonde onderdelen van de oude boerderij en de bijgebouwen leeg en onbenut. Soms dreigt zelfs sloop. Dat klinkt allemaal nogal somber maar dat is toch niet het hele verhaal: er is meer mogelijk dan men denkt…
Op vrijdag 16 mei 2014 praatten ruim 80 eigenaren, gemeenteambtenaren en erfgoedspecialisten over de leegstandsproblematiek en over de kansen van herbestemming van de voormalig agrarische gebouwen. Op uitnodiging van de recent opgerichte boerderijenstichting Twentse Erven en van de Koninklijke Nederlandse Heidemaatschappij (KNHM) afdeling Overijssel, waren de mensen bijeen in ’t Hoogspel in Ambt Delden.
De inspiratie voor de levendige discussies over de bedreigingen van het Twents agrarisch erfgoed en over de kansen om er nog wat van te redden, werd geboden door de resultaten van het onderzoek dat is verricht in de omgeving van Markelo (gemeente Hof van Twente). Dat onderzoek – een initiatief van Maarkels Landschap en uitgevoerd door Bureau Fenicks – laat verontrustende cijfers zien. Onderzoeker Jan-Hylke de Jong toonde aan dat de situatie zorgelijker is dan het op het eerste gezicht lijkt. Zeker 26% van de boerderijen, ongeacht of er nog geboerd wordt of niet, is bouwkundig matig tot slecht en dus niet bij de tijd. Niet minder dan 7% kan als bouwvallig, zelfs als rijp voor afbraak worden beschouwd. Voor schuren en andere bijgebouwen ligt dat percentage nog wat hoger: op 14%.
Het onderzoek van Bureau Fenicks geeft tevens aan welke kansen er zijn voor succesvolle herbestemming. Daarbij is aan de hand van een aantal meetbare criteria onderzocht in welke richting die herbestemming zou moeten gaan: dubbele bewoning, woning met kantoor, Bed&Breakfast, een camping en wellicht zorgvoorzieningen. Allemaal toepassingen die op de betreffende plek in principe economisch haalbaar zouden moeten zijn.
De door de naar ’t Hoogspel gekomen boerderijliefhebbers gevoerde discussies, haakten in op de uitkomsten van het onderzoek. Wat opviel was dat herbestemming als een bijna vanzelfsprekende oplossing wordt beschouwd. Maar ook dat de boerderijeigenaar daarbij vooral kijkt naar de gemeente. Men wil zelf wel aanpakken maar verwacht in ruil voor de beoogde verbetering, een coulante en meedenkende houding van de kant van de overheid.
Twentse Erven wil in het proces van herbestemming een bemiddelende rol spelen . De jonge stichting hoopt de deskundigheid van alle betrokken partijen te kunnen mobiliseren. Aan enthousiasme om daar aan mee te werken ontbreekt het niet. Dat gaven de boerderijliefhebbers die deelnamen aan dit symposium unaniem aan. Dat gold ook voor de aanwezige en nieuwbenoemde wethouders en hun ambtenaren.
Dit bericht is integraal overgenomen van www.erfgoedstem.nl


maandag 14 april 2014

Intieme cottagetuin in landelijk villapark


Voor een gezin dat in een villa in cottagestijl woont is een tuinontwerp gemaakt. De woning staat in een landelijk gelegen villapark op een perceel van circa 3.300 m².
De reden van de aanpassingen aan de tuin zijn een verdubbeling van de tuin en de nieuwbouw van een vrijstaande garage/kantoor. Door deze aanpassingen is besloten de gehele tuin opnieuw te ontwerpen en te herinrichten.

Proces tuinontwerp
In een eerste gesprek zijn de  wensen en eisen van de bewoners aanbod gekomen. Hiervan is een programma van eisen gemaakt dat door hen is goedgekeurd. Vervolgens is de tuin opgemeten waarbij met name de waardevolle beplantingen en de bestratingen nauwkeurig in kaart zijn gebracht. Op basis van het programma van eisen en wensen is een voorlopig ontwerp uitgewerkt.

De cottagestijl van zowel de woning als het nieuwe bijgebouw vormen de basis van de nieuwe tuin. Het plan is met de tuineigenaren besproken en verwerkt in een definitief ontwerp. Met behulp van de uitvoeringstekeningen en een werkomschrijving is een aanbesteding georganiseerd. Hierbij zijn drie vakkundige bedrijven gevraagd prijs te geven voor de uitvoering van deze tuin. De hovenier met de meest aantrekkelijke aanbieding wordt het werk gegund. Hierbij is zowel naar de prijs als naar de wijze van aanpak van de uitvoering gekeken.

Tijdens de realisatie is toezicht gehouden of het werk in goede orde is uitgevoerd.
Tuin in cottagestijl
Een tuin in cottagestijl wordt gekenmerkt door verschillende tuinkamers die door middel van lage en hoge hagen van elkaar gescheiden zijn. Ieder tuinkamer heeft een eigen functie en daardoor een eigenzinnig karakter. De paden bestaan uit verschillende materialen zoals grind, gebakken klinkers en natuursteentegels. De beplanting bestaat uit strakke hagen, bloemborders, verschillende tuinkamers met een thema. Thema’s kunnen gebaseerd zijn op de functie zoals (gebruikstuin,rusttuin e.d.), type planten (rozen-, moes- of kruidentuin e.d.) of karakter (watertuin, grindtuin, witte tuin e.d.). Het geheel straalt een landelijke sfeer uit.
Ontwerp van de cottagetuin
De voortuin bestaat grotendeels uit grind met bomen waaronder geparkeerd kan worden. Nabij de woning is een plein gemaakt om de toegang tot het woonhuis te accentueren. Een “loper” van gebakken klinkers geeft de richting aan vanaf de toegangspoort naar de voordeur. Rondom deze entree zijn rododendrons aangeplant.

Een strakke vijver grenzend aan de terrassen van de veranda en de keuken kan tevens gebruikt worden als zwemvijver. Gekozen is voor een zwemvijver in plaats van een strak zwembad. De zwemvijver sluit beter aan bij de landelijke sfeer van de cottagetuin. Daarnaast ligt de zwemvijver prominent in het zicht van twee belangrijke terrassen. Een zwemvijver wordt op een biologische wijze gezuiverd. Waterplanten maken onderdeel uit van de vijver waardoor deze natuurlijker overkomt.
De verschillende tuinkamers zijn in gebruik als:
- bloementuin met twee langgerekte borders en een centrale waterfontein;
- schaduwtuin met varens, hosta’s, hortensia’s en andere schaduwplanten;
- een pleintje bij de voordeur, bestraat met natuursteenkeien;
- een speeltuin met trapveld en boomhut; Een en ander aangrenzend aan de zwemvijver.
Verspreid door de tuin zijn kunstwerken geplaatst die door de bewoners zelf zijn uitgekozen.

 


 www.plancompagnons.nl

maandag 7 april 2014

De aantrekkingskracht van een moestuin


Een moestuin is vaak een onderdeel van een boerderijtuin. Buitenlui zijn mensen die bewust kiezen om in een groene omgeving te wonen en verantwoord te leven. Gezond eten maakt hier onderdeel vanuit. Het kweken van eigen groenten zonder gebruik te maken van chemische middelen hoort bij de eigen moestuin.
Een moestuin; veel werk?
Beginnende moestuinders vergissen zich in de hoeveelheid werk die een moestuin vraagt. Het bewerken en verbeteren van de grond, het zaaien, verspenen en planten van het plantgoed, het verwijderen van onkruiden, het opbouwen van een composthoop en het oogsten; alles is handwerk. Na verloop van tijd, wanneer de passie voor het tuinieren in de moestuin is ontwaakt, ontstaat een andere ervaring. Omdat je met plezier in de moestuin bent, wordt het werk tussendoor gedaan. Tijdens het ‘crop-watching’ wordt nog gauw wat weggewerkt, opgebonden, aangeharkt, weggeplukt, omgespit of geoogst. De moestuin neemt voor het gevoel echt niet zoveel tijd in beslag. Mensen die het wel als tijdrovend beschouwen, zijn minder enthousiast en geven de moestuin op. Bij hen blijft het idee bestaan dat een moestuin veel tijd vergt. Uiteindelijk is het een idee dat je voor jezelf oproept of het veel werk is of dat het wel mee valt.
Een moestuin op de juiste plek
Voor de opbrengst kies je voor de moestuin een plaats met vruchtbare grond, op een zonnige plek die niet te winderig is. Omdat je er regelmatig bent, ligt de moestuin niet te ver van de woning.
Een goed aangeplante en bijgehouden moestuin is een lust voor het oog in het groeiseizoen. Ondanks de functionele opzet van een moestuin heeft het altijd iets rommeligs; de composthoop, planten die aan het eind van hun groei zijn, net geoogste vakken, onkruiden na een warme natte periode wanneer je net weinig tijd hebt gehad. Daarnaast zijn de meeste moestuinen in de winter kaal en triest. Vandaar dat de moestuin beter niet in het zicht vanuit terrassen of de woning wordt aangelegd.
Voorbeeld van een aantrekkelijke moestuin
Hierboven is een beeld geschetst van de traditionele moestuin. Dat het anders kan bewijst de moestuin bij restaurant Villa Augustus te Dordrecht. Door de moestuin een duidelijke structuur te geven die symmetrisch lijkt, maar wanneer je er doorheen gaat vele verrassingen heeft, ontstaat een aantrekkelijk beeld. In de winter geven groenblijvende hagen, leifruitbomen, staketsels voor het opbinden van bonen, bramen en frambozen, pergola’s voor druiven, een waterpunt en verschillende kassen, het geheel een levendige sfeer. Met (oude) bestratingmaterialen is het mogelijk enkele hoofdpaden een belangrijker karakter te geven tegenover de zandpaden tussen de verschillende gewassen in. Met deze middelen kan iedere situatie een eigen aantrekkelijk karakter krijgen. Met de juiste aandacht en instelling is een moestuin een prima plek voor ‘het nut ende vermaeck’ in de landelijke tuin.