maandag 17 augustus 2015

Drie bijzondere groenprojecten op de Azoren

Verschillende beken stromen door het dal van de krater van Furnas

De archipel van de Azoren ligt in de warme golfstroom van de Atlantische oceaan. Dit heeft zijn invloed op de rijkdom van de planten die er voorkomen. Door het vochtige weer en het gematigde klimaat gedijen veel plantensoorten hier.
De eilanden groep is halverwege de 15e eeuw (her)ontdekt door Portugese en Vlaamse zeelieden. Nadat de handel en landbouw tot ontwikkeling kwamen en er een bestuur is ontwikkeld werden er dorpen en steden gebouwd. Hiermee gepaard gaande werden parken en landgoederen gerealiseerd. In die periode zijn planten uit andere windstreken ingevoerd en aangeplant. Enerzijds gebeurde dit vanwege economische belangen. Hierbij kan gedacht worden aan het invoeren van landbouwgewassen zoals onder andere thee, bananen zoete aardappel en ananas. Eveneens werden bomen voor de bosbouw geïntroduceerd zoals de Japanse ceder (Cryptomeria japonica). Anderzijds werden bijzondere soorten geïntroduceerd om de welvaart van de tuineigenaar te tonen en hiermee te pronken. Sommige soorten, zoals de gemberplant, woekeren zodanig dat ze de inheemse vegetatie bedreigen.
In dit artikel wil ik drie groenprojecten beschrijven op de Azoren. Het gaat om een historisch landgoed op São Miguel, een finca op Terceira en de botanische tuin van Horta op het eiland Faial.

Buitenplaats Terra Nostra, Furnas (São Miguel)
Landhuis op buitenplaats Terra Nostra met natuurzwemvijver.

Omstreeks 1775 bouwt de Amerikaan Thomas Hickling, rijke koopman uit Boston en honorair consul namens Amerika, een houten vakantiewoning in het dal van Furnas. Hiermee legt hij de basis van de buitenplaats Terra Nostra. Het dal van Furnas wordt gevormd door een krater met een diameter van 7 kilometer. Ogenschijnlijk is de vulkaan gedoofd maar de talrijke geisers en warmwaterbronnen bewijzen het tegendeel. Furnas heeft honderden kleine bronnen en beken, allemaal met verschillende eigenschappen en waterkwaliteiten. Buitenplaats Terra Nostra is gelegen in het midden van dit prachtige watersysteem.
Aan de voorzijde van het eenvoudige huis, dat Yankee Hall werd genoemd, was er een zwembad met middenin een eiland. Het natuurlijke zwembad werd , en wordt nog steeds, gevuld met warm bronwater uit een van de beken. Het geheel was omgeven door bomen die voornamelijk uit Noord Amerika kwamen. Een eik die door Hickling werd aangeplant is nog steeds aanwezig.

Laan met palmen door de buitenplaats.
Verschillende nieuwe soorten werden vanuit Noord-Amerika, Australië, Nieuw Zeeland, China en Zuid-Afrika geïmporteerd. Sommige van deze soorten domineren bepaalde delen van het park.
Omstreeks 1848 werd het geheel eigendom van Graaf da Praia die het houten huis heeft vervangen. De gravin, die een verwoed tuinierster was, heeft samen met haar man de twee hectare grote tuin vergroot met waterpartijen, bloemen parterres en beplantingen. Hun zoon, de markies da Praia e Montfort, heeft een standbeeld ter ere van zijn ouders in de tuin geplaatst. Hij heeft de Britse tuinman Milton naar Furnas gehaald. Samen hebben zij de waterpartijen verder uitgebreid, onder andere in de vorm van serpentinekanalen, Grotto’s aangelegd en een laan met Australische Koningspalmen (Arconthophoenix cunninganmiana) in de richting van het standbeeld van zijn ouders gerealiseerd. Rondom het standbeeld zijn acht Canarische dadelpalmen geplant (Phoenix canariensis).

De 2
e helft van de 19e eeuw markeren het hoogtepunt van de tuinkunst op de Azoren. Tussen de uitstekende tuinbazen van die periode steken Antonio Borges, José do Canto en José Jácome Correia er bovenuit. Zij strijden onderling om de mooiste parken te realiseren met de meest zeldzame plantencollecties. Na de roemtijd van deze vakmensen werden er twee Britse tuinbazen gecontracteerd, P. Wallace , en in 1845, George Brown, die waren voorgesteld door een toen al welbekende kwekerij van Withly en Osborne uit Fulham, Londen. De laatste ondernam allerlei initiatieven zoals het ontwerp en realisatie van het Murtas Park, nabij Hotel Terra Nostra.
Verschillende kanaaltjes door het park.
In de periode tot 1935 werd het park verwaarloosd totdat het Hotel Terra Nostra naast het park werd gebouwd. Vanaf die periode  werd de Schotse tuinbaas John McInroy ingehuurd voor de supervisie op de restauratie van het gehele park. Het terrein is uitgebreid tot zijn huidige omvang van 12,5 hectare.
In deze periode nam de bekendheid van Terra Nostra als Spa-resort toe. De Tweede Wereldoorlog maakte hier abrupt een eind aan. Ondanks de terugval behield het hotel zijn oorspronkelijke elegantie en de tuin werd zorgvuldig onderhouden. De Azoren waren destijds onbekend terrein en werden slechts bezocht door avonturiers of welingelichte reizigers.

Vanaf 1989, met de uitbreiding van het hotel, werd het park opnieuw gerenoveerd. Hiervoor zijn de tuinbouwkundige David Sayers en de bomenman Richard Green verantwoordelijk. In 1993 is het plan volledig gerenoveerd, waarbij meer dan 3000 verschillende bomen, struiken en vaste planten zijn aangeplant.

Van deze gevarieerde beplanting is het zeer zeker genieten in deze bijzondere setting van een historisch landgoedpark in de waterrijke krater van een vulkaan op de São Miguel. De weelderige beplanting en de verschillende bronnen, beken en geisers maken het tot een typische Azoriaanse buitenplaats.

Quinta da Nasce-Água, Angra do Herroísmo (Terceira)
Park gaat op een natuurlijke manier over in het landschap.
Een project van geheel andere orde is de Quinta da Nasce-ÁguaHet prachtige Quinta da Nasce-Água heeft een schitterende, landelijke locatie met uitzicht op de historische stad Angra do Heroísmo. Deze stad ligt op slechts 3 km afstand. De boerderij van het geboren water, zoals de naam luidt in het Nederlands, duidt op de bronnen die de tuinvijvers vullen. De boerderij is van een herenboer geweest en heeft een prachtige bestemming als hotel gekregen. 
Het door de oorspronkelijke eigenaar aangelegde park doet perfect dienst als ruimte om te recreëren voor de huidige hotelgasten. De combinatie van historisch landhuis en park is op deze manier intact gebleven en krijgt een functie waar meerdere gebruikers van kunnen genieten.


Exotische beplanting in de tuin van de quinta.
In het park wisselen gazons en solitaire bomen en boomgroepen elkaar af met slingerende paden, planten

Tuinmuren en verharding van natuursteen van het eiland.
borders en vijvers. Ook hier valt op dat de beplanting bestaat uit inheemse en exotische beplanting van over de gehele wereld. De verhardingen en bouwkundige elementen worden gezocht en gevonden op het eiland zelf. Natuursteen en lavagrind vormen de hoofdmaterialen voor de paden. Tuinmuren worden gemaakt van gehakte natuursteen van het eiland.
De relatie met de omgeving is hier op een mooie manier gebruikt. Het is onduidelijk voor de bezoeker, die kijkt vanaf het hoofdgebouw, waar het park eindigt en de omgeving begint. Dit is een geijkt middel om de tuin groter te laten lijken en onderdeel uit te laten maken van de omgeving.
Jardim Botánico, Horta (Faial)

Deze fraaie botanische tuin van circa 8.000m2, gelegen in het buurtschap Flamengos nabij Horta, geeft een overzicht van de vegetatie op de Azoren. De naam van het buurtschap verwijst naar de Vlamingen die als één van de eerste bewoners in grote getallen hier zijn komen wonen halverwege de 15e eeuw.
Onderdeel van de tuin met inheemse planten.
In totaal bestaat de tuin uit zeven onderdelen. Zo zijn er tuinen met medicinale en aromatische planten en kruiden, een deel met sierplanten die vooral in lokale eilandtuinen voorkomen en een tuin met een kleine collectie orchideeën. De meest aantrekkelijke tuin is de tuin met de inheemse planten die op de eilanden van de archipel voorkomen. Deze is bovendien het grootste onderdeel van de tuin. Deze collectie wordt getoond in een siertuin met meanderende paden, vijvers en diverse bosschages.
De naam Jardim Botanico Horta (Faial) doet vermoeden dat het de botanische tuin van het eiland Faial is. Toch heeft het vooral tot doel de flora van de gehele archipel te onderzoeken, te behouden en waar mogelijk ook projecten te initiëren de oorspronkelijke, inheemse vegetatie weer te herstellen. Aan de opzet van de tuin is te zien dat deze op een wetenschappelijke leest is geschoeid. Rondom het  oude landhuis - Quinta São Lourenço - zijn er zowel systematische als meer landschappelijke tuinen aangelegd. Het landhuis doet dienst als kantoor. Achter het hoofdgebouw is, ter gelegenheid van het twintig jarig jubileum, een nieuw bezoekerscentrum geopend. Hier is de mogelijkheid de tentoonstelling of een film te bekijken. Wanneer het regent, wat het nog wel eens wil doen, biedt het een welkom onderdak.
Uitbreiding van de botanische tuin .

De botanische tuin heeft een uitbreiding op een andere plek van het eiland, in het gehucht Pedro Miguel. De uitbreiding is gelegen op een hoogte van 400m en is circa zes hectare groot. De ontwikkeling ondergaat een herstel van de oorspronkelijke flora en fauna van het vochtige tot zeer vochtige laurierbos (Laurissilva). Naast de belangrijke wetenschappelijke rol die dit project behelst heeft het gebied een hoge landschappelijke waarde.

Literatuur over parken en tuinen op de Azoren
Voor tuinliefhebbers verscheen er de handige gids: Jardins & Parques dos Açores - Azores Parks and  Gardens, van Isabel Soares de Albergaria. Hierin zijn alle belangrijke tuinen op eilanden van de archipel beschreven. In totaal staan circa 65 tuinen en parken geschetst. Het boek verscheen als compleet Portugees-Engelse talige editie. Het boek is wetenschappelijk van beschrijving en interpretatie. De taal is echter zo toegankelijk dat het juist datgene heeft wat een breed toegankelijk gids moet hebben. Een absolute  must-have voor de tuinliefhebber die de Azoren wil bezoeken.






donderdag 25 juni 2015

Zuid-Afrika, Landgoed Boschendal, botanische tuin Kirstenbosch en boerderijen in de Karoo

Landhuis Boschendal in Kaap-Hollandse stijl.
In februari 2009 hebben mijn vrouw en ik een studiereis gemaakt door Zuid-Afrika. Tijdens deze reis hebben we verschillende natuurparken, botanische tuinen en landgoederen bezocht. In dit artikel wil ik iets vertellen over het landgoed Boschendal in de Kaaps-hollandse bouwstijl, de prachtige Kirstenbosch National Botanical Garden en halfwoestijn Karoo.

Landgoed Boschendal, Franschhoek 
Boschendal is een landhuis en wijn- en fruitbedrijf in de Zuid Afrikaanse plaats Franschhoek in de gemeente Stellenbosch.
Het huidige landgoed Boschendal komt voor uit twee landgoederen uit 1690 en 1713, beiden gesticht door hugenoten. Beide boerderijen waren 54 hectare groot. In 1715, kocht Abraham de Villiers, ook een hugenoot, Boschendaal na eerder al de boerderij gesticht door Nicolas de Lanoy gekocht te hebben. Nadien werden de twee boerderijen samengevoegd. In 1738 werd Boschendal overgedragen, zoals dat toen gebruikelijk was aan de jongste zoon, Jean of Jan. Deze Jan was twee keer getrouwd en had een enorm gezin. Zijn twintigste kind, Paul de Villiers, werd in 1807 eigenaar van Boschendal en liet het omstreeks 1812 verbouwen in zijn huidige vorm: een H-vormig huis met aan de voor- en achterzijde siergevels en gevels aan de uiteinden van elk van de vier vleugels.
Het huis is in de Kaaps-Hollanse stijl gebouwd. De Kaaps-Hollandse stijl is een bouwstijl ontstaan in de Nederlandse Kaapkolonie in de tweede helft van de zeventiende eeuw.
Kopgevel Boschendal met barokke elementen.
De Kaaps-Hollandse stijl kenmerkt zich door:
·        de witgepleisterde muren
·        een rieten dak
·        symmetrische opzet
·        een centrale, rijkversierde siergevel
·        een bordes (stoep) voor het huis
·        neoclassicistische, barokke en/of rococo invloeden
De stijl werd toegepast van eind zeventiende tot midden achttiende eeuw. Eind negentiende eeuw was er sprake van een herleving. Deze stijl wordt neo-Kaaps-Hollandse stijl genoemd  of Cape Dutch revival. Boschendal is een voorbeeld van Kaaps-Hollandse stijl. Andere voorbeelden zijn:
·        Groot Constantia (in zijn huidige vorm uit het einde van de 18e eeuw)
·        delen van Kasteel de Goede Hoop (uit de jaren 1780)
·        Rhone (uit omstreeks 1795)
·        Burgerhuis (Stellenbosch)
·        Vrede en Lust (Franschhoek)

Om het hele huis Boschendal loopt een stoep (bordes), die aan de noordwestzijde bijna op grondniveau ligt, terwijl er aan de zuidoostzijde een halfronde trap met zeven treden nodig is om hem te bereiken. Op een afdak in één van de zijhoven na, is het exterieur van het huis sindsdien onveranderd gebleven.
De bijgebouwen (slavenverblijf, kippenhok, koetshuis en wynkelder) lopen parallel aan weerszijden van de monumentale oprijlaan. Het koetshuis en wynkelder bezitten beiden neoklassieke siergevels uit het jaar 1802, die zich precies tegenover elkaar bevinden.
Ommuurde kippenren met legbakken.
Afrikaanse lelies in Kirstenbosch.
Het complex bleef tot 1879 eigendom van de familie De Villiers. In 1897 kocht Cecil Rhodes het. Cecil Rhodes was een diamantmagnaat, stichter van Rhodesia en 7e president van Zuid-Afrika. Tegenwoordig is Boschendal in bezit van het bedrijf Rhodes Fruit Farms. Dit bedrijf liet het onlangs grondig restaureren door architect G.T. Fagan. Het landgoed produceert nog steeds wijn en fruit. Het koetshuis is tegenwoordig in gebruik als restaurant. In het hoofdhuis is een museum met schilderijen en kunstnijverheid ingericht.


Kirstenbosch National Botanical Garden, Kaapstad

Aan de oostzijde van de Tafelberg ligt Kirstenbosch, een 528 ha groot gebied waar je heerlijk kunt wandelen. De Botanische Tuinen zijn een onderdeel van dit gebied en omvat 36 ha. Je kunt hier meer dan 4.000 inheemse planten en bloemen bekijken. Er is een informatie centrum waar je een gedetailleerde plattegrond kunt krijgen van de wandelpaden die in de tuin zijn aangelegd, verder zijn er verschillende restaurants en winkels.
Fraaie trappartij als overgang van de ene tuin naar de andere.
De tuin is in augustus t/m oktober op zijn mooist, als alles in bloei staat. Heel bijzonder zijn dan de Protea's die in veel verschillende kleuren en maten te zien zijn. Rond die tijd staat de King Protea (Protea cynaroides) nog in bloei. Deze Koningsprotea of “Honingpot” is de nationale bloem van Zuid-Afrika. De bloemen hebben een doorsnede van wel 20cm en trekken veel suikervogels aan.
Er komen hier veel verschillende vogels voor, waaronder prachtig gekleurde Sunbirds, grote uilen en de gele Kanarie. Al lopend kom je steeds hoger en op het laatst heb je dan een prachtig uitzicht over Kaapstad. Om de zoveel meter staan er bankjes en elk bankje is opgedragen aan één of meerdere personen. Diverse wandelpaden lopen door naar de top van de Tafelberg.

Kaap Leopard Uil in Kirstenbosch.
Wandelpad naar de achterzijde van de Tafelberg.
















Tuin is eigenlijk geen goed woord. Kirstenbosch is een gigantisch park met heel veel wandelpaden en verdeeld in verschillende gebieden zodat je iedere keer weer in een andere "tuin" terecht komt. Het is zo groot dat je in één bezoek niet eens alles kunt bekijken.

Karoo

Tijdens onze studiereis zijn we onder andere door de Karoo gereden die veel indruk heeft gemaakt. Het was een overweldigende indruk van de grote leegte. De Karoo is een landstreek in Zuid-Afrika die het grootste deel van de Noordelijke Kaap-provincie beslaat.
Verlaten boerderij, in de Karoo, tussen Graaff-Reinet en Oudtshoorn, met opgaande beplanting op het erf.
Het gebied is een halfwoestijn die vrijwel geheel boomloos is. De streek is sterk Afrikaanstalig en wordt gebruikt voor extensieve veeteelt. De wegen in de Karoo zijn vaak onverhard, maar omdat het weinig regent en er weinig verkeer is, zijn ze uitstekend te berijden. Op sommige plekken komen typische boerderijen voor met golfplaten daken. De boerderijen zijn vanaf ver te herkennen door de opgaande beplanting rondom de bebouwing.

Struisvogels in de omgeving van Oudtshoorn.
Het stadje Oudtshoorn,  in de Kleine Karoo, staat bekend om zijn struisvogelboerderijen. Dit deel van de Karoo is wat vochtiger waardoor er graslanden voorkomen. De struisvogels in de weilanden levert voor ons een bijzondere beleving.

woensdag 17 juni 2015

Glazen Boerderij met erf op Schijndelse Markt

Glazen boerderij met kerk op Schijndelse Markt
De Glazen Boerderij is een multifunctioneel gebouw op het centrale marktplein van het Brabantse dorp Schijndel. Het is een uitvergrote, gemiddelde Schijndelse boerderij in glas, die de geschiedenis probeert in te halen met een hang naar het verleden. Dit marktgebouw met een totaal oppervlak van 1.600 m2 bevat winkels, restaurants, kantoren en een wellness centrum. Drie en dertig jaar na het eerste initiatief van de Schijndelse architect Winy Maas over de open plek op de markt van zijn geboortedorp werd het gebouw gerealiseerd.
Luchtfoto van boerderij met erf
Schaal van het marktplein
Het Schijndels Marktplein heeft geleden onder de bombardementen tijdens Operation Market Garden gedurende de Tweede Wereldoorlog. Het plein is sindsdien vergroot en meerdere keren verbouwd. Het bleek een te groot plein voor het dorp. Schijndel is de geboorteplaats van Winy Maas en hij schreef in 1980 als twintigjarige een brief aan de burgemeester met een voorstel om het gat tussen het plein en de Hoofdstraat weer in te vullen met een publiek toegankelijk gebouw. In 2000 vroeg de toenmalige wethouder hem om de draad op te pakken. Sindsdien zijn in een uitvoerig proces door hem en MVRDV meerdere ontwerpen voor de plek gemaakt, het huidige gebouw is het zevende concept, eerder was ondermeer een ontwerp voor een theater voorgesteld.
Schijndel leefde intens mee met deze voor het dorp historische daad. Nachtelijke debatten, enquêtes, gedachtewisselingen in de locale pers: voor- en tegenstanders, uiteindelijk allemaal overtuigd van de noodzaak van een gebouw. Het marktgebouw met een oppervlak van 1.600 m2 bevat naast kantoren ook publieke ruimten zoals restaurants, winkels en een wellness centrum.
Terras zorgt voor de nodige drukte rondom de boerderij
Idee van de historische boerderij
Het door de gemeente vastgestelde maximale volume van het gebouw leek op de vorm van een lokale boerderij. MVRDV registreerde en fotografeerde alle overgebleven Schijndelse boerderijen en vroeg kunstenaar Frank van der Salm om een ideale, gemiddelde boerderij te componeren als collage van de bestaande boerderijen. De gemiddeldheid is bepaald naar aanleiding van een gedetailleerd onderzoek naar de bestaande boerderijen. Dit beeld is op de 1.800 m2 grote glazen gevel geprint met een moderne techniek die resulteert in het effect van gebrandschilderd glas. De print varieert in sterkte omwille van zicht en transparantie.
Met een hoogte van 14 meter is de boerderij 1.6 keer groter dan een echte boerderij. Het symboliseert de groei van het dorp dat ondertussen een stadje is geworden. De print volgt de schaalvergroting: zo is de geprinte deur van de boerderij bijvoorbeeld 4 meter hoog. Voor volwassenen is het geheel een vleugje nostalgie uit de jeugd. 
Straatzijde met leibomen
Architectenbureau MVRDV realiseerde het gebouw in opdracht van Rembrand bv, een combinatie van Van den Brand Vastgoed en Remmers Bouwbedrijf. MVRDV werkte samen met ondermeer Hooijen (constructeur), IOC Ridderkerk (installaties), Brakel Atmos (gevel) en AGC (glas).
Erf op de Schijndelse Markt
Rondom de Glazen Boerderij is een erf gerealiseerd. Met behulp van beukenhagen is het erf afgeschermd van de rest van de markt. Binnen de hagen zijn gazons en verhardingen aangebracht. Een notenboom en put op dezelfde schaal als de Glazen boerderij completeren het geheel.

Het erf wordt gebruikt als terras van de horecagelegenheid die in een deel van de boerderij is gevestigd. Dit terras zorgt tijdens goed weer dat de plek goed gebruikt wordt.
Waterput en notenboom op erf
Binnenzijde van de Glazen Boerderij
Conclusie
Bij een bezoek aan de Markt van Schijndel in juni 2015 was ik in eerste instantie verbaasd van dit vreemde gebouw op de Schijndelse Markt. Het gebouw concurreert met de kerk die eveneens als een los element op het marktplein staat. Door de schaal en de contradictie tussen een strak glazen gebouw ten opzichte van de grillige romantische boerderij op het glas geprint is het gebouw moeilijk te plaatsen. Daarnaast verwacht je zo’n boerderij niet op de markt maar in het buitengebied.

Het is duidelijk dat Schijndel een icoon heeft op haar plein en daardoor extra bezoekers trekt. De reden om de schaal van het plein aan te pakken met dit gebouw had voor mij niet gehoeven. Met een bijvoorbeeld een boomgroep had de schaal van het plein verbeterd kunnen worden. Extra winkelruimte is mijns inziens ook niet een reden om dit gebouw daar te plaatsen. Wel kun je het gebouw zien als een kunstwerk dat veel stof doet opwaaien en Schijndel duidelijker op de kaart zet.
Artikel geschreven op basis van website De glazen boerderij






donderdag 4 juni 2015

Boerderijen en erven op de Azoren

Wit gepleisterde boerderij met natuurstenen kozijnen.
De laatste jaren organiseren we regelmatig dolfijnenreizen naar de Azoren. De Azoren is een eilanden archipel die behoort tot Portugal. Ze zijn gelegen op de lijn Lissabon – New York in de Atlantische Oceaan. De afstand tot het vaste land van Portugal is ongeveer 1.600 km. Er zijn negen eilanden die in drie groepen zijn onder te verdelen. De meest oostelijke groep bestaande uit Sao Miguel en Santa Maria, de centrale groep met Terceira, Graciosa, Faial, Pico en Sao Jorge en de meest westelijke groep bestaande uit Corvo en Flores. De uiterste punten van de eilandengroepen liggen ongeveer 600 km uit elkaar. De eilanden zijn volgens de geschiedenisboeken vanaf de 15e eeuw bewoond waarbij de Portugezen de eerste bewoners waren. Door recente ontdekkingen op Pico en Terceira komt deze theorie onder druk te staan. In een later artikel kom ik hierop terug.

Boerderijen op de Azoren
Boerenwoning op Pico van lava blokken en lava split als verharding.
Tijdens onze reizen naar de Azoren valt me de eenvoud van de agrarische bebouwing op. Zoals gebruikelijk voor landelijke bebouwing gebruikt men de bouwmaterialen die voorhanden zijn. Om dat de Azoren vulkanische eilanden zijn worden de huizen opgebouwd uit lavastenen. Oorspronkelijk werden de stenen los gestapeld. Later werden de stenen passend gezaagd of gevoegd. Het houtwerk van deuren en kozijnen wordt in felle kleuren geschilderd. Nog later worden sommige huizen gepleisterd en eveneens in wit geschilderd of in felle kleuren. Bij de meer luxe bebouwing is het een combinatie van gezaagde lavasteen afgewisseld met geschilderd pleisterwerk.

Erf bij de agrarische bebouwing
Muurtjes van stapelstenen als verdeling van de moestuin.
Uiteraard wordt ook voor de indeling van het erf materiaal gebruikt uit de nabije omgeving. Vaak wordt het erf afgeschermd met lage muurtjes van zwarte lavasteen en de half verharding van het erf bestaat uit lava split of een bestrating van afgeronde lavakeien. Voor de meer luxe boerderijen wordt bij de entree een mozaïek van zwarte en witte Portugese keitjes aangelegd.
Rondom de woning met terras liggen de moestuinen waar vooral kool, aardappel en zoete aardappel wordt gekweekt. Verder komen de gangbare groenten en fruit voor. Wel zijn er verschillen per eilanden groep. Op Sao Miguel zijn enkele thee plantages (de enige in Europa) en wordt ananas gekweekt. Verspreidt over de eilanden komen worden bananen en druiven gekweekt.
Het bedrijf is vaak een gemengd bedrijf met tuinbouw en veeteelt. Omdat de oceaan zo dichtbij is werd eveneens gevist door de boeren. Tot de tachtiger jaren van de vorige eeuw werd op walvissen gejaagd. In het verleden was dit op kleine schaal waar vele inwoners van de eilanden, dus ook de boeren, deelnamen. Vanuit roeiboten werden jaarlijks enkele walvissen gevangen voor eigen consumptie. Vanaf 1985 is de jacht op walvissen gestaakt.

Beplantingen
Boerenwoning met terras van lava blokken en wit gevoegd.
De erfbeplanting wordt, evenals de andere materialen van het erf, in de directe omgeving gevonden. De Atlantische oceaan heeft een grote invloed op de vegetatie van de Azoren. De vegetatie is ingedeeld bij het Atlantisch areaal. Dit betekent dat er (naarmate je hoger komt) veel bewolking is, het er flink kan regenen, de zomers relatief koel (25°C) en de winters warm (15°C) zijn. Er is altijd water voorradig. Voor de vegetatie betekent dat, dat ze beschikken over een lange groeiperiode. Een echte rustperiode, zoals de winters in Nederland, heeft de vegetatie niet. De Azoriaanse flora bestaat daarom zowel uit Atlantische, mediterrane, kosmopolitische (over de hele wereld voorkomende) en tropische soorten.

Theeplantage op Sao Miguel.
Na de bewoning van de eilanden in de 15e eeuw zijn veel planten, bewust of onbewust, ingevoerd. Van de 500 plantensoorten zijn er 200 ingevoerd. De uit de Himalaya afkomstige geneeskrachtige en heerlijk geurende gemberplant, woekert door alle endemische soorten, en is dus een bedreiging voor de oorspronkelijke vegetatie. Zo’n 150 jaar geleden is de Hortensia ingevoerd en wordt voornamelijk gebruikt als afscheiding van de weilanden omdat de koeien de plant niet eten.
West Friese koeien in de weilanden van Terceira.
Andere opvallende soorten zijn de prachtig blauw-paarse Afrikaanse lelie (Agapanthus), Yucca, Canna indica, Opuntia cactussen en Agaven.

Vanwege het voor planten gunstige klimaat op de Azoren zijn er ideale omstandigheden voor de landbouw. Zo groeit er de Bataat (zoete aardappel) uit tropisch Amerika ingevoerd. Ook sinaasappels, druiven, ananas, passievruchten, limoenen, citroenen, bananen, thee, tabak en maïs doen het erg goed op deze vulkanische eilanden.
Wandelpad tussen de akkers op Pico.
In de bermen komen verschillende kruiden in het wild voor, zoals Venkel, drie soorten Munt en de Yamplant of Taro. Deze laatste komt van oorsprong uit Zuidoost Azië.

Ribeira (waterval) nabij haven van Sao Ceatano (Pico). 
Zo’n 10.000 jaar geleden, na de laatste ijstijd, ontstonden de oorspronkelijke bossen op de Azoren. Boomsoorten als Zeeden, Azoriaanse laurier en jeneverbesbomen behoren tot de oorspronkelijke begroeiing. In het oorspronkelijke Laurier-Jeneverbos, dat ook op de Canarische Eilanden en Madeira voorkomt, groeien interessante planten die het geheel een tropische aanblik geven. Varens zoals dubbelloof, Niervarens en Koningsvarens komen veelvuldig voor.

“Ribeiras” of watervallen ontstaan elke keer weer na hevige regenval. Vele ribeiras lopen recht van boven de berghellingen door het bos naar beneden. Om erosie in de toekomst te voorkomen worden boeren geactiveerd om bomen aan te planten op de voormalige weilanden. Hiervoor zijn subsidies in het leven geroepen.

Naaldbomen kwamen van nature alleen voor in de kustgebieden, voornamelijk de Zeeden. Later is onder andere de Japanse Ceder ingevoerd, vanwege de bruikbaarheid van het hout voor brandstof en scheepsbouw. Het is dus geen inheemse boom maar komt veelvuldig voor op de Azoren.

In een later artikel wil ik nog terug komen op enkele buitenplaatsen en herenboerderijen op Terceira en Sao Miguel.


woensdag 18 februari 2015

Finca's en andere boerenerven op Gran Canaria

Finca Agaete
In december 2015 was ik op bezoek op de Canarische Eilanden (Gran Canaria). Tijdens dit bezoek is me opgevallen dat de landelijke bebouwing totaal anders is als in West-Europa. De reden van deze andere verschijningsvorm zijn het klimaat en de rotsachtige ondergrond.

Op de Canarische Eilanden komen, net als in de rest van Europa, steeds meer boerderijen vrij voor de bewoning door burgers of het gebruik als tweede woning. In sommige situaties zijn dit de stedelingen uit de hoofdstad. Vaker komt het echter voor dat het gaat om mensen van het vaste land zoals Spanjaarden, Duitsers, Fransen, Engelsen en dergelijke.  

Stuwmeer van Soria
De oorspronkelijke landbouwbedrijven zijn kleinschaliger en verbouwen andere producten zoals koffie en bananen. Daarnaast worden experimenten gedaan met andere gewassen zoals tomaten en komkommers in de volle grond. Vaak is de geringe neerslag op deze eilanden een bedreiging voor het succes in de landbouw. Door deze beperkte neerslag zijn er verschillende stuwmeren aangelegd om het regenwater langer vast te houden voor gebruik.

Koffieplantage in Agaete
Tomatenkassen in La Aldea
Agrarische bebouwing Gran Canaria
De agrarische of landelijke bebouwing is door de klimaatomstandigheden anders. Vaak zijn de woning klein met een groot overdekt terras. Men leeft meer buiten. Grote landbouwschuren ontbreken. Het erf gaat vrij snel over in de landbouwgronden of de natuurlijke vegetatie van de omgeving. Siertuinen ontbreken in de doorsnee situaties. De terrassen worden ‘versierd’ met potplanten en klimplanten. 

Wel is er sprake van moestuinen en boomgaarden rondom de erven. Uiteraard worden andere gewassen  geteeld en ander fruitbomen geplant. Opvallend zijn de vele olijven-, citroen-, sinaasappel- en amandelboomgaarden.

Finca’s
Finca is het Spaanse begrip voor stuk agrarische gebied met landbouwgronden, boomgaarden en bossen met daarop een herenboerderij, stallen en woningen voor personeel. De laatste jaren is het begrip finca in trek voor toeristische verblijven. Dit gaat dan met name op voor het Spaanse vasteland, de Balearen, Canarische Eilanden en Latijns Amerika. 

Omdat schaduw een belangrijk gegeven is zijn er veel grote bomen aangeplant rondom de gebouwen. De terrassen  zijn groot omdat het leven zich buiten afspeelt. Ook de terrassen zijn plaatsen waar men in de schaduw wil vertoeven. Naast de bomen zorgen van oudsher begroeide pergola’s voor de verkoeling. De pergola’s vormen vaak één geheel met de woning en zijn rijkelijk overgroeid met klimplanten. Belangrijke klimplanten hiervoor zijn de druiven (ze geven naast schaduw nog fruit ook) en de roze, rode, lila of oranje gekleurde Bougainville. Om praktische redenen zijn de wanden van de gebouwen wit geschilderd om het binnenklimaat koeler te houden. Bijkomend effect is dat de kleurige bloemen beter afsteken.
Koffie Finca Los Castanos in de vallei van Agaete

Twee fraaie finca’s op Gran Canaria zijn Los Longueras en Los Castanos in Agaete in het noordwestelijk deel van Gran Canaria. Het is een rustige en vruchtbare streek waar veel gewassen gekweekt worden. De ligging op het eiland bepaalt dat er meer neerslag valt uit de wolken, die door de aanwezige bergen moeten stijgen waardoor regen ontstaat. Hierdoor is het gebied aantrekkelijk voor tuinbouw en voor vermogende burgers die de hoofdstad ontvluchten. Dit laatste gebeurde al in de koloniale tijd.


Boerenerven als onderdeel van het landschap
Uit dit bezoek valt te concluderen dat de architectuur van zowel de bebouwing als van het erf sterk afhankelijk is van de omgeving waar het is gelegen. Het klimaat en de gesteldheid van de bodem bepalen de mogelijkheden en beperkingen. Hierdoor ontstaat het typisch karakter en gebruik van de landelijke bebouwing in een bepaald gebied
.  



dinsdag 23 december 2014

Buitenplaats in een natuurlijke omgeving

In november heb ik op het prachtige terrein van Isis Sofia te Dalfsen in Overijssel een sjamanistische workshop gevolgd van Little Grandmother (Kiesha Crowther). We werden ontvangen in een gebouw van circa 20 bij 8 meter met daarin alle faciliteiten voor groepen. Zowel binnen als buiten werden allerlei ceremonies uitgevoerd waaronder een waterceremonie in het ven en een vuurceremonie onder de sterrenhemel. Tijdens deze laatste ceremonie hoorde je de uilen om je heen roepen.
Op het terrein staat ook een grote woning waar twee wooneenheden gekoppeld zijn. Met name door de monumentale woning en de landschappelijke tuin straalt het geheel de sfeer uit van een buitenplaats in een natuurlijke omgeving.


Natuurtuin
Het complete terrein van circa 4 hectaren ligt in de invloedssfeer van de Vecht. De voormalige maïsakker, waarop het geheel is gerealiseerd, is op vakkundige wijze omgetoverd en zodanig geprofileerd dat er glooiingen zijn aangebracht als ware het de stroomgeulen van de rivier. Ondanks dat het terrein pas relatief kort geleden (2001) is aangelegd heeft het nu al een waardige uitstraling. Door de hoogteverschillen en de variatie in droog en nat  is een zeer gevarieerde vegetatie ontstaan. Daarnaast komen op het terrein veel verschillende en bijzondere mossen voor.
Centraal op het terrein is een plas gegraven die de uitstraling heeft van een ven. De vrijgekomen grond is op een natuurlijke wijze in het terrein verwerkt en beplant met opgaande inheemse beplanting. Inheemse beplanting is de beplanting die van nature in een bepaald gebied voorkomt.
Gemaaide graspaden zorgen voor een natuurlijke ontsluiting van het terrein. Op een logische manier is het mogelijk alle bijzondere plekken op het terrein te bereiken en te genieten van het natuurschoon.


Inpassing bebouwing
De monumentale woning staat op een hoger deel van het terrein. De bijgebouwen zoals de werkschuur/garage en het gebouw voor groepen staan hier duidelijk los van. Alle gebouwen zijn bereikbaar vanaf de oude zandweg met opgaande boombeplantingen, de Keizersteeg. Door de ontsluiting vanaf de Keizersteeg zijn de gebouwen juist op een logische wijze gerangschikt.
Doordat het woongedeelte los staat van het gebouw waar groepen ontvangen worden, is er zowel voor de bewoners als voor de groepen privacy ontstaan. Op een informele manier is de scheiding tussen beide functies op het terrein uitgewerkt. Ondanks dat er twee aparte toegangen tot het terrein zijn, is zowel het parkeren voor bezoekers als voor de bewoners nabij dezelfde werkschuur/garage gerealiseerd.


Isis Sofia is een goed voorbeeld van een nieuwe buitenplaats in een bestaande en waardevolle omgeving. Door de inrichting van het terrein en het gebruik door groepen is het een mooie aanvulling voor de omgeving. 


maandag 8 december 2014

Bed & Breakfast in oude boerderij te Ruitenveen

Tijdens een bezoek aan Salland (Overijssel) heb ik, in het najaar van 2014, overnacht in een oude boerderij in Ruitenveen. Op het erf is, in een van de voormalige bedrijfsgebouwen, een gezellig verblijf gemaakt met een keuken/eetkamer en twee aparte slaapkamers met douche. Toen ik ‘s morgens vroeg op was heb ik een wandeling over het erf en de omgeving gemaakt en was onder de indruk van de geslaagde inrichting van het geheel.

Cultuurhistorie
De ontginning van het moerasgebied van Ruitenveen begint in de 17e eeuw. Omstreeks 1635 is er op plaats van het huidige Westeinde een afwateringskanaal gegraven dat uitmondde op de Vecht.  Vanaf deze eerste bewoningsas volgen de weilanden, de akkerlanden en de woeste gronden elkaar op.  De perceelranden werden ingepland met elzen en essen. De woeste gronden werden in hoofdzaak begraast door schapen en er kwamen in die tijd veel schaapskooien voor.
In de periode daarna wordt het landbouwgebied voortdurend uitgebreid.  Er ontstaan smalle kavels en diepe landen. Door de bevolkingsgroei en de ontginning komt er achter het huidige Westeinde een tweede woonas te liggen.
Het zogenoemde achterpad (nu Ruitenveen) kent een vrij grillig verloop. Door met name de verkaveling in de vijftiger jaren van de vorige eeuw is er achter de ontginningsas van het Westeinde en het Ruitenveen een landbouwgebied ontstaan met een overwegend open en grootschalige structuur.  In het kader van de laatste ruilverkaveling Nieuwleusen-Ruitenveen werden diverse maatregelen getroffen om de duurzame landbouw optimale productieomstandigheden te bieden.
Daarnaast wordt er naar gestreefd om het historisch landschap van o.a. het Ruitenveen door aanleg van bosjes en erf- en perceelbeplanting weer in de oude staat terug te brengen.

Bebouwing
In het Ruitenveen staat voornamelijk lintbebouwing met hoofdzakelijk boerderijen in een dubbele ontginningsas. De bebouwing staat grotendeels met de voorzijde gericht op de weg Westeinde, waarbij rekening is gehouden met de structuur van de smalle langwerpige kavels. Doordat de boerderij nu vanaf Ruitenveen wordt benaderd kom je via het erf bij de woonboerderij terwijl oorspronkelijk eerst de boerderij werd benaderd.
De meest voorkomende boerderij in het Ruitenveen is van het type Hallehuis. Deze boerderijen hebben lage goten en zadeldaken met aan beide zijden wolfseinden.



Erf en tuin
Door het behoud van de oorspronkelijke stallen en de gebakken materialen als verharding is de sfeer van een boerderenerf goed bewaard gebleven. Aan de voorzijde van het huis is het terrein in gebruik als siertuin. Met beukenhagen, die als basis voor de meeste hagen op het erf dient, is een duidelijk kader gemaakt. Met buxus is een verdere indeling van de tuin gemaakt. De vrouw des huizes vertelde me dat zij vroeger een veel uitbundiger bloemenassortiment in de buxusperken had staan maar dat dit niet meer te onderhouden viel. Mijn idee is dat de tuin nu een veel logischer beeld geeft van een boerderijtuin met boerenheesters die eenvoudig te onderhouden zijn.
Naast de siertuin is een kleine en overzichtelijke moestuin gemaakt die duidelijk van de rest van de tuin is afgescheiden. Ook hiervoor zijn beukenhagen gebruikt. Het voordeel van het afscheiden van de moestuin is dat de tuin in de winterperiode, wanneer er weinig gewassen groeien, niet in het zicht is. Ook wanneer er een periode geen tijd is voor onderhoud haalt het onverzorgde beeld van de moestuin niet de gehele tuin naar beneden.
 

De boerderij van B&B Route 19 in Ruitenveen is een mooi voorbeeld van een boerderij die een andere bestemming heeft gekregen maar waarvan de geschiedenis nog is af te lezen.


www.plancompagnons.nl